De Floresmens is een afzonderlijke soort mensachtige en geen door ziekte gekrompen moderne mens, concluderen Britse onderzoekers deze week in Nature.
Homo floresiensis, beter bekend als de ‘hobbit’, is een dwergachtige hominide van wie fossiele resten in 2004 op het Indonesische eiland Flores werden ontdekt. Sindsdien woedt een debat over de vraag of zij een aparte soort vertegenwoordigt of dat zij een moderne Homo sapiens is met microcephalie, een aangeboren afwijking waardoor de schedel achterblijft in ontwikkeling.
Sommige wetenschappers vermoeden het laatste, omdat haar hoofd (het gevonden individu is vrouwelijk) zo klein is dat het zelfs moeilijk te beschouwen valt als het resultaat van een in de evolutie op eilanden wel vaker optredende dwerggroei.
De Britse onderzoekers (van het Natural History Museum in Londen) onderzochten fossiele schedels van dwergnijlpaarden uit Madagaskar – zonder enige twijfel producten van eilanddwerggroei. Hun bevindingen geven aan dat de hersenen van deze uitgestorven dieren disproportioneel zijn gekrompen.
Het zou dus heel goed kunnen zijn dat ook bij de Floresmens, die tot circa twaalfduizend jaar geleden heeft geleefd, de hersenen door eilanddwerggroei relatief meer zijn gekrompen dan de rest van het lichaam, aldus de Britse wetenschappers.
Dat kan erop wijzen dat de Floresmens eerder een bijzondere vorm is van een vroege mensachtige, zoals Homo erectus, dan een zieke moderne mens.
Amerikaanse onderzoekers komen tot vergelijkbare conclusies. Zij rapporteren, eveneens in Nature, over hun studie aan de voeten van de Floresmens. Die had een grote teen die past bij een rechtop lopende hominide, maar anderzijds relatief zo lang is dat hij meer lijkt op die van bepaalde apen dan op die van een moderne mens.
Dat kan er volgens de auteurs zelfs een aanwijzing voor zijn dat de Floresmens niet afstamt van Homo erectus, maar van een andere primitieve mensachtige.
Bron: Volkskrant